Logo Universiteit Utrecht

Docentencommunity TAUU

Blog

Een Andere Taal

Veel clichés zijn clichés geworden, omdat er een kern van waarheid in schuilt. Dit jaar heb ik bij de U-Talent Academie het cliché bevestigd zien worden dat studenten die hun eigen onderwerp mogen kiezen het meest enthousiast zijn en bovenmatig goed presteren.

U-Talent biedt bevlogen VWO-scholieren met een bètaprofiel de mogelijkheid hun profielwerkstuk binnen het programma van de U-Talent Academie aan de universiteit te doen, om zo alvast een indruk te krijgen van wat universitair wetenschappelijk onderzoek inhoudt. Veel van het onderzoek dat door de universiteit wordt aangeboden speelt zich af in het laboratorium. Maar dat van mij niet. Ikzelf doe een promotieonderzoek in de filosofie van de natuurkunde en bij mij kunnen de scholieren zich melden voor een wetenschapsfilosofisch onderzoek. Zo’n onderzoek kan gaan over algemene wetenschapsfilosofische problemen (denk aan Hume’s inductie-probleem of Popper’s falsificatie), maar ook over meer specifieke filosofische problemen in bijvoorbeeld de relativiteitstheorie (“waarom denken we eigenlijk dat de lichtsnelheid constant is?”) of de kwantummechanica (“is Heisenbergs onzekerheid een onzekerheid in de natuur of slechts een afspiegeling van onze onwetendheid?”).

Het aantal mogelijkheden is erg groot, terwijl ik niet precies weet wat scholieren leren in 5/6-VWO en dus wat hun basiskennis is. Ik geef regelmatig college aan studenten van de UU, maar dan kan ik een gedegen inschatting maken van wat ze in de eerdere jaren van hun studie hebben geleerd.

Voorafgaand aan het onderzoek voelde het daarom alsof ik samen met de U-Talent-scholieren aan de rand stond van een groot zwembad met op de bodem allemaal sieraden en ik hen de opdracht gaf een willekeurig sieraad op te duiken, terwijl ik niet eens wist of ze wel zouden kunnen zwemmen.

Mijn zorgen verdwenen snel toen de scholieren per groepje van drie met een voorstel moesten komen: iets waarnaar ze graag onderzoek zouden willen doen. Het eerste groepje wilde onderzoek doen naar Stephen Hawking’s boek ‘A Brief History of Time’. Dat gaf mij het excuus om me eens goed in dat boek te verdiepen: ik had het namelijk al eens gelezen en er is volgens mij nogal wat aan te merken op de wetenschapsfilosofische achtergrond van het boek.

Een ander groepje kwam met de erg specifieke vraag hoe de relatie is tussen aan de ene kant de kwantummechanische Bell-ongelijkheden en aan de andere kant het filosofisch realisme. Deze vraag is een hele moeilijke en het vergt veel linguïstische subtiliteit (en dus denkwerk) om de relatie tussen kwantummechanica en realisme duidelijk uit te leggen zonder wiskundige hulpmiddelen (hulpmiddelen die je pas in je bachelor krijgt aangereikt). Het was daarom voor mij een grote uitdaging om deze concepten uit te leggen in een andere taal dan degene die natuurkundestudenten spreken. Kortom, er wordt een grote verscheidenheid aan onderwerpen aangedragen door enthousiaste scholieren. Zo draagt een UU-docent/onderzoeker niet alleen bij aan de ontplooiing van aanstormend talent, maar leert ook zélf iedere keer weer iets nieuws.

 

Fedde Benedictus

[www.feddebenedictus.nl]

Fedde Benedictus heeft dit profielwerkstuk begeleid in het kader van U-talent. Naast PhD student en docent aan de UU is Fedde paraklimmer en redacteur van een wetenschappelijk tijdschrift.


Fedde Benedictus
5 juli 2016

U moet ingelogd zijn om te reageren, gebruik het formulier aan de linkerkant om in te loggen met uw solis gegevens.

Gerelateerd