06 sep 2017

Faculteit Geesteswetenschappen van start met eigen BKO begeleidingstraject


Auteur:

Donderdag 31 augustus is het nieuwe BKO begeleidingstraject van de faculteit Geesteswetenschappen van start gegaan. Na een gezamenlijke lunch en een stadswandeling volgde een bijeenkomst waarbij het programma uit de doeken werd gedaan. Deze leergang bestaat uit acht bijeenkomsten waarin nieuwe docenten aan de faculteit Geesteswetenschappen van de UU worden begeleid bij het maken van hun BKO portfolio.

De Leergang

De acht bijeenkomsten van het traject zijn als volgt ingedeeld:

1.      principles of instruction

2.      classroom management

3.      student-activerende werkvormen

4.      docent-student interactie

5.      blended learning

6.      international/inclusive classroom

7.      toetsing en toetskwaliteit

8.      course design

Binnen de eerste vier bijeenkomsten krijgen de docenten didactische handvatten en tips aangereikt die ze vervolgens in de praktijk kunnen brengen. De laatste vier bijeenkomsten trekken het lesgeven breder en moeten de docenten inzicht geven in wat er nog meer bij het lesgeven en voorbereiden van werkgroepen, hoorcolleges en cursussen komt kijken. Deze 8 bijeenkomsten representeren de leerdoelen die corresponderen met de kwalificatie eisen voor het behalen van een BKO die specifiek is voor de faculteit Geesteswetenschappen van de UU. Bij het ontwikkelen van deze kwalificatie eisen dienden de overkoepelende UU BKO eisen als leidraad. Met dit traject hoopt de faculteit Geesteswetenschappen een community te vormen van nieuwe docenten, meta-docenten en tutoren die samen werken aan het behalen van het BKO portfolio. Daarnaast is het doel om de docenten van unconscious incompetence te brengen naar conscious competence, zodat ze aan het einde van het traject genoeg zelfvertrouwen en kunde hebben om een werkgroep te leiden.

Trial and error

Tijdens de BKO leergang van Geesteswetenschappen wordt gezocht naar een conceptualisering van wat succesvol lesgeven is en hoe je een eigen didactische ‘stem’ ontwikkelt. Het traject richt zich op hoe je leert door het opdoen van praktijkervaring, het reflecteren op de eigen didactische kwaliteiten en het geven van feedback op elkaar en elkaars colleges. Er zijn verschillende visies op wat goed lesgeven is, maar het is ook voornamelijk trial en error. Binnen deze veilige omgeving kan je als beginnend docent met een gerust hart vragen stellen, experimenteren, falen en er van leren samen met mede-docenten. Door het uitproberen van verschillende visies en modellen worden didactische concepten concreter zodat ze makkelijker in de praktijk te brengen zijn.

Coaching

Tijdens het traject ontvangt de nieuwe docent ook coaching in de vorm van een BKO tutor. Deze heeft een officiële rol in het begeleiden van de persoonlijke ontwikkeling van de docent, geeft tips over hoe je het BKO dossier het beste kan vormgeven en maakt hem of haar wegwijs in de praktische zaken binnen het eigen departement. De tutor heeft dus voornamelijk de rol van ‘critical friend’. De didactische kant van het traject wordt verzorgd door diverse docenten afkomstig uit de verschillende departementen binnen de faculteit Geesteswetenschappen (meta-docenten).

Share

Geef een reactie