Logo Universiteit Utrecht

Docentencommunity TAUU

Docent in the Picture

Docent in the picture: Tom Roeling

Tom_Roeling (1)Van hoorcolleges voor 300 man tot individueel onderwijs op de snijzaal: Tom Roeling doet het, en wel zó dat hij dit jaar genomineerd werd voor de Docentenprijs. Speciaal voor de TAUU vertelt hij over hoe om te gaan met ongemotiveerde studenten, wat hem onderscheidt van andere docenten en hoe je een geneeskunde-student goed opleidt.

  “Ik vind dat je je wel bewust moet zijn van de grenzen van wat we weten en wat eraan gedaan wordt om die grenzen op te schuiven.”

 

Wat onderscheidt u van andere docenten?

“Ik weet niet hoe onderscheidend ik ben van alle andere docenten. Als ik de voordracht voor de docentprijs nalees, merk ik, dat vooral het ‘zelf de handen uit de mouwen steken’ en ‘studenten zelf de antwoorden op hun eigen vragen laten geven’ door de studenten karakteristiek wordt genoemd. Maar of ik daarin veel verschil van andere docenten, weet ik niet zo.”

Hoe gaat u om met ongemotiveerde studenten?
“Omgaan met ongemotiveerde studenten kan ik niet. Die studenten zijn niet bereid om hun eigen vragen te beantwoorden of zelf de handen uit de mouwen te steken. Gelukkig kom ik ze binnen de studie Geneeskunde weinig tegen. Soms wel binnen een verplicht onderwijsblok in het tweede jaar, waar ik coördinator van ben. Als ze niet gemotiveerd zijn, leren ze dat blok niet, slagen er niet voor en zie ik ze een jaar later gewoon weer terug. Soms hoor ik dan dat ze het wel fijn vinden om het blok nog een keer over te doen, omdat de stof wel, of nu wel, erg leuk is. Dat is dan wel weer prettig om te horen.”
Vindt u dat je onderwijs kan geven als je zelf geen onderzoek doet?
“Ik vind dat je je wel bewust moet zijn van de grenzen van wat we weten en wat eraan gedaan wordt om die grenzen op te schuiven. Dat is een academisch werk- en denkniveau. Dan hoef je wat mij betreft niet zelf met onderzoek bezig te zijn. Ikzelf ben er niet veel mee bezig, maar probeer wel zoveel mogelijk het onderzoek dat in het UMC gebeurt te incorporeren in het onderwijs wat ik geef.”
Hoe leid je een geneeskundestudent goed op?
“Een geneeskundestudent moet opgeleid worden tot een breed inzetbare basisarts, dat vooropgesteld. Daar is het algemene raamplan voor de geneeskundeopleiding voor. Daarnaast wordt van een basisarts steeds meer verwacht, dat die een inzicht heeft in de huidige mogelijkheden en onmogelijkheden, wenselijkheden en onwenselijkheden van behandelingen. Dat betekent dat een arts een kritische blik moet hebben. Dit is één van de professionele vaardigheden, die vallen onder de CANMEDS competenties (competenties voor artsen). Een academische vorming hoort daar dus ook bij. Dit stuk zou nog nadrukkelijker naar voren mogen komen, al wordt daar inmiddels al wel hard aan gewerkt.”
Waar kunnen collega-docenten u voor bellen?
“Collega-docenten kunnen me bellen als ze van mij willen weten hoe ik mijn eigen onderwijs geef, van hoorcolleges voor zo’n driehonderd studenten tot individueel onderwijs op de snijzaal. Ik heb onderwijsblokken opgezet, die zeer succesvol zijn, qua inhoud en qua waardering door studenten en docenten. Hoe ik dat gedaan heb, waar je op moet letten, wat valkuilen zijn, daar heb ik wel ervaring mee. Dat wil ik graag delen. En uiteraard, over alles wat met de anatomie van het steun- en bewegingsstelsel te maken heeft en ook wel van de anatomie van hersenen wil ik graag vertellen.”

3 april 2016

U moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen